De zin van denken (boek) – recensie

Markus Gabrielvertaling: Mark Wildschut – Boom 2019, 321 pagina’s, €29,90 – ISBN 9789024426409

De zin van denken is minstens even ambitieus als de twee voorgangers van de veel gelezen publieksfilosofische trilogie van Markus Gabriel. Waar deel één een metafysische verkenning van de wereld en de werkelijkheid is, en deel twee een onderzoek naar het menselijk subject behelst, poogt dit derde deel te laten zien hoe de twee met elkaar in contact staan via het denken. Verwacht echter geen gortdroge epistemologische analyses in filosofisch koeterwaals over het armoedige academische probleem hoe ik ‘uit mijn hoofd’ in ‘de wereld’ geraak. Integendeel: in vlot geschreven proza en aan de hand van talloze verwijzingen naar alledaagse fenomenen en populaire cultuur (van Houellebecq tot Black Mirror en van The Circle tot De Sims) beantwoordt Gabriel de vraag wat er eigenlijk gebeurt wanneer we denken – een vaardigheid die voor hem geenszins is voorbehouden aan de Grote Filosofen, maar waar ieder mens mee is behept en in het boek hier en daar zowaar aan dieren toegeschreven wordt.

Lees meer…

Waarom we vrij zijn als we denken (boek) – recensie

Markus Gabriel – Vertaling: Huub Stegeman – Boom (2016), 277 pagina’s, €29,90 – ISBN 9789089538727

Wie Markus Gabriel weleens heeft horen spreken, weet dat de beste man zijn publiek in een rap tempo het ene na het andere argument om de oren slingert. In zijn boeken is dit niet anders. In Waarom we vrij zijn als we denken, het tweede deel van zijn recent volbrachte trilogie, overstelpt Gabriel de lezer evenzo met argumenten, om aan te tonen dat de mens haar betekenis vindt in haar (geestelijke) vrijheid.

In de inleiding wordt al snel duidelijk op wie Gabriel het gemunt heeft. Hoewel hij zich ook afzet tegen religies en elke andere vorm van ideologie, is de grootste vijand in zijn boek de neurowetenschap. Gabriel beargumenteert dat neurowetenschappers zich schuldig maken aan wat hij neurocentrisme noemt: de overtuiging ‘dat er louter een geschikt stel hersenen voor nodig is om ons tot levende wezens met een geest te maken’. Volgens Gabriel reduceren deze wetenschappers de mens en haar geest tot neurologische processen en machines. Ze stellen immers dat alles bestaat uit materie en processuele relaties tussen deze materiële deeltjes. Hiermee sluiten neurowetenschappers uit dat er zoiets bestaat als de vrijheid van de geest: de mens en haar denken zijn volgens hen gedoemd tot neurologische en/of biologische determinatie.

Lees meer…

Waarom de wereld niet bestaat (boek) – recensie

Markus Gabriel – Vertaling: Huub Stegeman – Boom (2014), 207 blz. €24,90 – ISBN: 9789089532718

In het boek Waarom de wereld niet bestaat uit 2013 legt Markus Gabriel, met behulp van populair taalgebruik, zijn idee uit van wat hij het ‘nieuwe realisme’ noemt. Het nieuwe realisme is een metafysische en wetenschapsfilosofische theorie die een weergave geeft van wat er wel en niet bestaat.

Volgens Gabriel zijn er twee grote stromingen binnen de geschiedenis van de filosofie wanneer wij het hebben over het bestaan van dingen. Ten eerste is er het wetenschappelijke realisme, ofwel het materialisme. Volgens deze stroming bevindt alles wat bestaat zich in het universum en zijn de dingen opgebouwd uit elementaire deeltjes. De andere grote stroming is het constructivisme. Gabriel definieert het constructivisme als de aanname dat we een feit niet op zich kunnen vaststellen, maar dat we alle feiten en gebeurtenissen zelf geconstrueerd hebben. Al het wetenschappelijk onderzoek dat wij doen, beoefenen we altijd door middel van bepaalde methodes die wij als mensen zelf hebben opgezet. De manier waarop wij onderzoek doen is dus altijd contingent. We kennen alleen de feiten die aan ons gepresenteerd worden dankzij de methode die wij als correct hebben geacht. Echter, deze stromingen zijn beide niet toereikend om het bestaan van de dingen adequaat weer te geven, volgens Gabriel. Hij geeft allereerst twee argumenten tegen het wetenschappelijk realisme.

Lees meer…

“When they start singing – I’m out.” An interview with Markus Gabriel

Markus Gabriel during a Radboud Reflects lecture in 2019 © Ted van Aanholt

Last February, the Dutch Society for Phenomenology (recently renamed as the Dutch Society for Phenomenology and Existentialism) organized a two-day conference on phenomenology, existentialism and realism at our very own Radboud University. Keynote speaker was none other than Markus Gabriel, philosophy professor in Bonn and academic superstar among the ranks of Dennett and Žižek. By now, with his forty years, he might have lost the honorary title of being ‘the young god of German philosophy’, but his credentials are as impressive as ever: full time professor at the age of 29, visiting professor at a dozen of universities around the world (among others, UC Berkeley, the Sorbonne, and the universities of Rio de Janeiro, Lisbon, Aarhus and Venice), an extremely prolific output of more than 20 books and a never-ending list of publications, and a fluent speaker of English, French, Italian, Portuguese and Spanish besides his native German (and yes, he can read ancient Greek, Latin, and basic Hebrew and Chinese as well). On top of that, when he is not busy flying around the world to give lectures, attending talk shows, or writing books in taxi’s and hotel rooms, he is a husband and happy father of two.

Somehow, he also managed to have some time for this interview. After a failed attempt on the night of his talk, we finally managed to steal some of his time during the lunch break of the conference. Even the gods must eat after all. What followed was a roller coaster ride of a conversation – the man talks as fast as he thinks – about the questions that keep him awake at night, his thoughts on (the end of) phenomenology and the future of New Realism, his work ethic and his future ambitions. Full of anecdotes, lots of laughter, and quotes in ancient Greek, it was certainly a memorable interview.

(more…)

A Poem I Can’t Remember Writing

⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Of a thousand dreams before, I thought, they were
only remnants of desires—latent in tree stumps, street corners,
pigeon roos over my roof, white sheen of canvas openings into
the blue sky—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀All of my maniacal memories burst like shotgun
pomegranate bleeding synapses flesh—broken matter between
my brain halves—amyloid proteins popping—stowed from vision
consciousness—impressionist gaps between Brooklyn Heights
and Today—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀The voice of post-frontal-lobe-cynicism rumbles into
motion, saying: “I guess it’s not that hard to be prophetic if you
simply think everything, Allen[accusatory].
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀And me—real smug—cutting myself up, rereading
Kaddish for the howmanyidontknowhowmanieth time—mind
alignments on Vallejo-Lange Bisschop intersections—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Glance my male-gaze up the legs of Zutphen’s back
gardens through NS windows—“I can see myself live here” your
sweet innocence says in the future—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Green with brown soil/wet/black—horse paths back
roads—Rebecca alone in a room. Suddenly: My spiritual so-
called undressing—diving into the Cyber-Brains of Joan
Fontaine’s eternal loneliness, sending sentimental love-letters
to herself on Valentine’s Day—I love you, Joan—I want to eat
you—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Tapping in on the frequency of Hitkrant posters on
my sister’s wall—written and overwritten until some
undergraduate student jingles Palimpsest Theory all the way to
sections encapsulated—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀talking on couches in the sun with tea and endless
trees and endless children playing in their gardens fenced by
my desire to consume reality—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Tyrant Phallic Spire that leads from
wet/black/rain/stockings of an enhanced reality—to Eusebius
beyond the tiled rooftops from my sawdust attic windows—full
of arches sateen, blank, but bulging
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀from the point-break-emotions you force onto me
with splinters of Zoo Visitation, before leaving forever—but a
million things about the Dharma still elude Death more than
the gesture of Sherbet the Gorilla,
our genes separated by this bulletproof partition
only—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Mix my Myths with your Textual spaces—the scent of
clenched meat from the cheek pockets of my Friday Mornings—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Insert: cultural memory—wanderings on Van Ness
where the Sun drenched my spur—now comes back to me in
tiring dreams of youth—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀At the same time—scared to death by Gary Snyder’s
meta-conscious control: “Read all poetry in your language—
learn another language—and read all the poetry in that
language, too—”
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀What is this Train Poetry Session to work with—what,
even, smell of asshole?—suddenly behind the counter of Record
Shop—suddenly in tears as Ron and Paul carry the building
blocks of my existence out the back door—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀I think The New Yorker fact-checked my poem into
ignorance, rejecting it on the basis that Kaddish is actually
8.95—get your fucking facts straight
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀“You’ve got no chill” I hear, backtracking—of people
whom I think of as Joan Fontaine—trying to unwrite my
thoughts, mono-interpretability, where I’ve got serious Theses
to Shake—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Coughing pipes that bubble in the yellow room filled
with Legos—should I be out there?—everybody’s out—tiny bugs
running through the maze of bricks and a bowl of Chocolate
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Cereal next to my serious knee—
Television mast—iron frames—boys cycling without
hands and smoking cigarettes, they’ve never heard of Johnny
Cash and I like it—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Forest yards—red deer bursting out the guts of
straight sowing machines—tunnels of piss under the tracks in
mosaic gleam—my sister in vegetarian factory procession
behind the television—but I remember only me.
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀Throwing an old t-shirt over my little lamp, so my
mother doesn’t see I am building well into the night—the reality
that people tell me (I tell myself*) I am missing—
⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀⠀And what’s there to writing honestly—?

May 12, 2019

Recensie – Nomizo (bordspel)

Wanneer mensen mij vragen wat ik studeer en ik antwoord met “filosofie”, zie ik vaak hun gezichten vertrekken. Vaker wel dan niet volgt de (inmiddels tot cliché verheven) vraag: “Maar, wat kun je daar dan mee?” Als deze vraag uit blijft, dan is het wel een tante die een wrange vorm van interesse veinst en reageert met: “Oh, wat leuk! Ik vind psychologie ook errrgg interessant.”

Lees meer…

‘Freud’ (serie) – Recensie

Van alle elementen die een narratief kunnen dienen in een film, is filosofie het minst succesvol. Een film waarin filosofie het thema is, schiet uiteindelijk altijd te kort. In het lijstje van pogingen staat onder andere When Nietzsche Wept (2007), waarin Friedrich Nietzsche een misplaatst, archetypisch kostuum als de held uit een monomythe wordt aangemeten.

Lees meer…

Poem

It melts losing its form,
Turning into a sculpture.
I can hear it no more,
For it sways within a furry forest,
Buried in wax,
A muffled sound escapes.

Stretch marks on a prowl,
A low growl peeks through veins,
Eyes lined with red see her.

The lines break outside roots,
Slithering down foamy wax,
Down my scales and stripes.

I listen,
A lick, a flicker, a slither, a growl.
Against negative spaces,
Between hair, forest, scars,
Is a sound, a cry,
So silent.

In between my scales,
She sings, she speaks, growling and screaming,
Buried.
Under-wax, between scales-
Threatening to tip them over,
And drown the red line in her waters.

– A woman’s meditation

Tarallini, a philosophical reflection

In this quarantined world, where yeast and flour seem to have disappeared from every supermarket and, when you finally find them, you and a bunch of other customers have to fight over them as Dwight and Andy fought over Michael’s love, recipes without (or with limited amount of) these sacred goods are more than welcome. Since I want to do my part in this process of culinary pacifism, there you go with one of my favorite snacks and its history.

Read More…

Der Zauberberg, self-quarantine and time

Over the last couple of months, I’ve been reading Der Zauberberg (The Magic Mountain), the (in)famous novel by German writer Thomas Mann, published in 1924. In Der Zauberberg protagonist Hans Castorp travels by train to a sanatorium in Davos in the Swiss Alps to visit his nephew Joachim Ziemßen, who is suffering from tuberculosis. During his stay of three weeks, Hans Castorp develops bronchial issues and decides to stay until he recovers. He starts a treatment which consists mostly of long sessions of resting on a comfy lounger, breathing in the pure Alpine air. In this idyllic situation, time quickly becomes a very different experience. In the end, it takes seven years and the outbreak of a major war to pull him back to the ‘real’ world.

(more…)